THESE THINGS. 

by Gustaaf Vander Biest

 

What you and I carelessly discard, is the base material for Gert Scheerlinck’s objects - assemblies - sculptures. Plastic, old newspapers, sticks, wire, chains, cardboard, string, zinc, wood, ... are the things he works with for the realization of "THESE THINGS”.  He assembles them, edits them in a minimal way, or uses them unchanged as a kind of readymade whose initial poetic power embodies the artist’s underlying ideas more than adequately.

Each of these art works are an image of life itself in small and higher expectations, in dreams and nightmares, in findings and concerns ... The artist profiles himself as EYEWITNESS of everyday life, where new and old news follow each other at a furious pace, where obstacles lurk around every corner ('Come in, watch out' at the entrance literally needed to be pushed aside for safety reasons).

Securities are sought and double checked (such as "The Checker" with its lists), and then turned upside down a little further back by making the escape routes particularly vulnerable ('Fire Escape' with the blackened branches ladder). Connections and relationships are unraveled or put to the test. Do I observe any fear of commitment in 'The Connection' or is it a reference to shared autonomy in unity?

The very last image from the exhibition is called "Hang Wire” and touches me enormously, partly due to the dialogue between object and multiple shadows. Grasp is here an extremely wavering concept. Gert Scheerlinck, of course, is not the first nor the last one that works with poor materials, but he does show some essential realizations.

The gallery is a somewhat long, wide corridor that thanks to some spatial interventions provided a certain exhibition comfort. However, it remains a place that the artist needs to manipulate which in this case was pretty successfully done.

Gert Scheerlinck is a former student of the painting department, a discipline that doesn’t dissuade him to step up to this work where paint and canvas are replaced by post-consumer recycled materials that through structural and emotional compositions ensure that "simple things" become "THESE THINGS" with real capital letters.

Gustaaf Van der Biest, art editor WATERSCHOENEN ©


THESE THINGS. 

by Marc Vonck

 

This exhibition gives a platform to a former pupil of the Academy, Gert Scheerlinck. After 2 years in the Visual Arts workshop led by Stefaan Vanderhaegen, Gert obtained his Higher Degree and Specialization in Painting under the guidance of teacher Luc De Roeck. Gert was initially intrigued by painting with matter, in particular the work of Antoni Tàpies and graduated with experimental work (paint treatment, addition of non-art materials, the choice of unusual carriers). A number of years and many more exhibitions later (most recently Gert was selected for a cobra exhibition at M-Museum in Leuven), Gert exchanged painting for assemblages, installations and found objects (objets trouvés).

Should Gert have continued painting, he would be the trompe l'oeil - painter of his own ideas. Must one proclaim an interesting object to still life to make then a painterly and pictorial translation of it? Not necessarily: one can focus on the objects themselves and see what is achieved by choosing them, isolating them and combining them (if only minimally). It takes guts and quite some courage but Gert has an excellent technical mastery in order not to do the first and play it safe.

Is this anti-art? A denial of the values of pictorial art? On the contrary, it is precisely because of painting Gert could make this artistic statement. It is appropriate to quote Kurt Schwitters: "Every artist should have the freedom to make a painting with nothing but blotters, stated that he is at all able to make a painting." It is true that a lot of work in this exhibition have pictorial qualities.

But there is more to it. This exciting and challenging exhibition with – say - waste as raw material is packed with artwork that is strongly poetic, sometimes surreal and humorous or socially critical. This can only be the result of an extraordinary imagination, "the capacity to create a different nature from the material that nature itself has provided", as Emmanuel Kant describes it, or one can say the capacity to transform (in contemporary jargon).

Let me conclude with a paraphrase of a statement by Joseph Albers: ("If you have seen that each color changes by a changing environment, you will probably realize that you have learned something about life as well as the color").

"If you have seen how you can transform scrapped and discarded material, you've learned something about life as well as about art."

 

Marc Vonck, Principal of the Academy ©


De schoonheid van gewone voorwerpen.

Door Frederic De Meyer 

 

Je ziet een ketting, hangend, en een stukgescheurde band ruwweg in het midden ervan.
Een ketting, een stuk band.

Je zou er onachtzaam aan kunnen voorbij lopen. Per slot van rekening zijn het zaken die een aandachtige chauffeur dagdagelijks langs de kant van de weg ziet verschijnen, als hij ervoor kiest aandachtig zijn omgeving in zich op te nemen. Als ie daar de tijd voor heeft.

Een ketting, een stuk band erover.

Oefening: je ziet een ketting en een stuk band aan de muur van een tentoonstelling hangen. Wat denk je dan?

Helpt het om in symbolen te denken? Het de kunstenaar zelf te vragen, in dit geval Gert Scheerlinck? Het stukje band? Een verwijzing naar het op weg zijn, naar het reizen. De ketting? Wat ons vasthoudt, wat ons verhindert om op weg te gaan, om weg te zijn. Spanningsveld, in een eenvoudig beeld.

Je kan het de kunstenaar vragen. Of je kan jezelf bevragen bij het zien van een ketting, en een stukje band erop. Wat zie je werkelijk? Zelfs los van de betekenis, van de herkomst van wat je ziet: wat zie je? Een beeld? Een gedachte? Van wie dan? Een reflectie van de jouwe?

“Van niets kunst maken” is geen nieuwe betrachting. ‘Arte Povera’ is niet veraf, en Gert Scheerlinck refereert er naar hartenlust naar (Merz, Zorio, maar ook Tàpies, Rauschenberg en, uiteraard, Duchamp). Maar het is niet omdat het uit niets bestaat, dat er niets meer is. Het is niet omdat iets langs de kant van de weg ligt, dat het geen schoonheid meer bevat. Integendeel.

Heeft Gert een boodschap? Zou je kunnen vragen wanneer je zijn ogenschijnlijk eenvoudige kunstuiting aanschouwt. We kunnen het bevestigen: er schuilen talrijke boodschappen achter zijn werken, vaak maatschappijkritische, soms autobiografische, steeds gevoelige.

Maar op zich maakt het weinig uit, het is de toeschouwer die er ‘zijn’ werk van moet maken. Dit leidt echter tot een paradox: minimalistische kunst als dat van Gert maakt het ons als toeschouwer moeilijker om ons zijn kunst eigen te maken. Hoe minder er is, hoe moeilijker verstaanbaar.

Feitelijk zijn we als toeschouwer snobs geworden (ikzelf als eerste): we willen grootsheid, ambacht, vernuft, verbazing. Maar wat doen we met de schoonheid van de gewone, banale dingen? Bitter weinig.

Gert maakt er kunst van.

 

Frederic De Meyer, stichter The Art Couch Belgium ©


TUSSEN NU EN LATER. 

Door Fons Vandergraesen

 

Op zoek naar oorspronkelijkheid, naar vernieuwing en afwisseling. Naar nieuwe materialen, naar andere vormen van steeds dezelfde dingen. Af en toe kleur: bruin, blauw, een waterig universum zonder vis en vrouw. Een gebroken spiegel, een gekleurd glas, een verpulverd strand. De beweging van het verrassende.

Kenmerkend, de drive, de bevlogenheid, de zin om er iets van te maken, om te worden wie hij wil zijn, te netwerken, te bewegen in het web van de grote kunst. Met fotoboek en Facebook, met moderne media en webdesign, met wil en dank. Met de dynamiek van de mogelijkheid.

Gert verwerkt de lente in zijn werk. Hij laat het zomeren en verwarmt de winter. Hij seizoent met visueel materiaal. Het aprilt in hem. Met zin voor het geheel, met oog voor detail. Met liefde en genegenheid. Met analyse en interpretatie. Met artistieke intimiteit. De seizoenen trillen in zijn hand. Als vluchtige rook. Signalen.

Gert mijmert, denkt na en reflecteert en analyseert. Hij praat bedachtzaam, hij wikt zijn woorden in de weegschaal van de kunst. Om te weten wat ze waard zijn, of ze belangrijk zijn of verdwijnen in de weelde van het nietszeggende. Gert trekt geen lijn. Hij kent alleen het vlak. En de ontmoeting van de vlakken. Hoe ze met elkaar praten, elkaar overtuigen van het tegendeel. Hoe ze ruziën om tot een ander geheel te komen. En dan mokkend zwijgen. Elkaar pijn doen en dan weer verwijten dat het niet anders kon.

Zijn werk is fysiek. Het komt niet moeiteloos tot stand. Maar het staat er. Als een uitdagende provocatie. Niet geschikt voor de kleinheid van de keuken. Wel voor de grootsheid van een helverlichte galerij. 
Zijn werk is emotie en verstand. Een evenwicht.
Tussen zijn en worden.
Tussen nu en later. 

 

Fons Vandergraesen, prof. Universiteit Brussel ©


Sociale media conversatie. 

Door Nico Vaerewijck

 

' Gert zijn werk  stelt ons voor een feit; waar hij als kunstenaar vertrekt vanuit armoedige materialen, met minimale middelen en restelementen, maakt hij een soort van installaties die onze (wegwerp)maatschappij ter discussie brengt. Zeker voor Rust Belt (cf. curator van de tentoonstelling) is Gert nog iets dieper ingegaan in de politiek van onze omgang met voorwerpen, en verder, onze manier van denken en handelen, zie hierbij ook de begeleidende tekst van Rust Belt. Hij houdt ons, zoals je wil, een spiegel voor. De transformatie van een 'gewoon' voorwerp als een olievat, de destructie ervan, de vervuiling, in één enkel beeld samengevat, geeft een glimp van de kracht en de energie die van dit werk uitgaat. De persoonlijke invulling is voor ieder natuurlijk verschillend en ik heb er met Gert al uren over kunnen filosoferen, maar voor mij is het toch een beeld van verwerpelijkheid, eentje met een wrang gevoel. Telkens iets dat me een ongemakkelijk gevoel geeft van mijn eigen extensie. Maar ik denk eerder dat dit iets is om te bespreken bij een goed glas wijn ... '

 

 

Nico Vaerewijck, Kunstenaar ©